De Panasonic Lumix L10 viert 25 jaar Lumix
Veel lees je doorgaans niet over foto- en videocamera's op TechFi. Dat heeft goede redenen, waar we hier verder niet op ingaan. Waarom besteden we aandacht aan de Panasonic Lumix L10? Omdat uw redacteur van dienst enige historie heeft met dit merk. Mijn eerste digitale camera was de Panasonic Lumix DMC-FZ10. Bij een eerdere betrekking werkte ik langere tijd met een Lumix DMC-LX5. En tot voor kort werden alle foto's op de TechFi redactie geschoten met een - tweedehands - Lumix DMC-GX80. Om vervangen te worden door, jawel, een Lumix S5D. Dat Lumix 25 jaar bestaat (is het nog maar 25 jaar?) is voor mij dan ook iets om even bij stil te staan. Heb je daar geen zin in en wil je direct naar de informatie over de L10, volg dan deze link.
Lumix: vaak de verstandige keuze
Die geschiedenis van Lumix-camera's heeft overigens weinig te maken met merkliefde. Als techreviewer bekijk ik steevast de hele markt, en ben ik me meer dan gemiddeld bewust van hoe vergankelijk een coole gadget is. Ook in de camerawereld komen constant nieuwe, betere modellen uit. Dus waarom toch steeds Lumix? Omdat het merk heel vaak de beste prijs-prestatieverhouding biedt, met - voor mij - de juiste balans tussen optiek en sensortechniek.
Concreet houdt dat in dat het merk niet altijd de allernieuwste sensor- en beeldverwerkingstechniek combineert met wel steevast hoogwaardige optiek. En zoals fotografen weten, draagt een goede lens vaak het meeste bij aan een geslaagde foto. Panasonic werkt daarvoor nauw samen met Leica (dat ook eigen varianten van Lumix camera's uitbrengt). De lens gaf de doorslag bij de FZ10, die destijds een aanzienlijk betaalbaarder, optisch vooruitstrevender, alternatief was voor een spiegelreflexcamera of concurrerende bridgecamera's als de Nikon CoolPix 8400 of Minolta Dimage A1.
Ook de LX5 had weliswaar een wat grotere sensor, maar het lichtsterke objectief gaf de doorslag, samen met een relatief schappelijke prijs vergeleken met wat de concurrentie bood. Panasonic hield relatief lang vast aan ccd-sensoren, waar bijvoorbeeld Sony eerder inzette op cmos. Ook voor micro four-thirds (mft), het sensor- en lenssysteem dat Panasonic met Olympus ontwikkelde, zette het eerst in op een hybride 'Live MOS' sensor die kenmerken van ccd en cmos combineerde.
Dat mft-systeem zie ik ook wel als kenmerkend voor Lumix. Met relatief kleinere sensoren en hierop afgestemde lenzen bood het een betaalbaarder alternatief voor de aps-c en full frame modellen van Canon, Nikon en Sony. Het systeem wist lange tijd verrassend goede beelden te leveren, met aanzienlijk lichtere, compactere camera's. Het bleek ook zeer populair bij videografen, voor wie de Lumix GH-modellen jarenlang favoriet waren. Voor de journalist onderweg is de compacte GX80 ook een stuk prettiger dan de Canon 60D waar ik ook de nodige tijd mee heb gewerkt (ik zei toch, merkvastheid is mij vreemd). En hoewel ik recent ben overgestapt op een S5D, heb ik ook onlangs een nieuwe, compacte lens besteld voor de GX80.
De S5D zal vooral in de studio blijven, want die is echt een stuk groter. Ook hier was de combinatie van prijs en features doorslaggevend. Hoewel het een kleine refresh uit 2024 is van een model dat in 2021 werd geïntroduceerd, kan het nog altijd uitstekend meekomen. Voor de pakweg 1000 euro die deze full-frame camera kostte, is het een koopje. Jawel, de sensor heeft geen fasedetectie - ook dat is een innovatie die Panasonic lang links heeft laten liggen. Aan de andere kant: de lichtsterke L-mount lenzen zijn relatief betaalbaar (zolang er geen Leica-label op zit). Dat geeft voor studiofotografie de doorslag boven razendsnel scherpstellen. Bovendien zijn de optische én constructiekwaliteit van hoog niveau. De camera zelf is met zijn waterdichte afwerking en uitgebreide knoppenspel een genot om te gebruiken. Eenmaal naar wens ingesteld hoef je weinig het menu in, wat bij de concurrentie nog wel eens anders uitpakt.
Zo komt het dat ik, hoewel regelmatig watertandend bij weer een nieuwe A7 of Z-serie, steeds weer bij Lumix beland voor de verstandige keuze. Misschien niet met de allernieuwste techniek, maar wel uitstekende optiek, aangename bediening, solide constructie en zeer fraaie beelden (voorzover mijn beperkte vaardigheid als fotograaf dat toelaat).
Panasonic Lumix L10: een opmerkelijke jubileumkeuze
Goed, genoeg nostalgisch gezwelg. De Panasonic Lumix L10 is ook zonder historie een interessante camera, zeker in deze tijd. In navolging van Gen A, die de digitale camera's van begin jaren '00 ontdekte als afleidingsvrije, 'authentieke' plaatjesmakers, zitten compactcamera's zowaar enigszins in de lift. Dit na jaren neergang als gevolg van de opkomst van smartphones - de beste camera die je altijd bij je hebt.
Waar smartphones met computationale fotografie fraaie beelden uit piepkleine sensoren en lenzen weten te destilleren, blijft er een zweem van kunstmatigheid hangen aan deze foto's. Zeker als je gaat inzoomen en croppen zie je artefacten van het proces dat ze mogelijk maakt. Van randverscherping tot kunstmatig vervaagde achtergronden om een scherptediepte te simuleren die er niet was. Vandaar toch een hernieuwde belangstelling in 'echte' camera's van het kleine deel van enthousiast fotograferende smartphonegebruikers dat méér wil.
De logische stap tot dusver voor die groep was een aps-c of micro four-thirds systeemcamera met een kitlens en wellicht een mooie lichtsterke prime. Qua 'gedoe' is dat wel een grote overgang, en een camera met vaste lens beperkt niet alleen keuzes, maar ook stress - en ruimte in de koffer. De Panasonic Lumix L10 is zo'n camera, maar wel opmerkelijk genoeg een met een sensor die je doorgaans in systeemcamera's aantreft: een (effectief) 20-megapixel mft-exemplaar op basis van backside-illuminated (bsi) cmos-techniek. De sensor beschikt over 779 fasedetectie punten en combineert het met een contrastdetectie autofocus systeem met 315 afzonderlijke vlakken. Daarmee moet de Lumix L10 zeer snel kunnen scherpstellen.
De lens is zoals gezegd een vast, niet vervangbaar exemplaar. Panasonic heeft echter deze uitstekende eigenschappen toebedicht: in groothoek biedt deze een diafragma van f/1.7, in telestand van f/2.8. Het zoombereik is 3,1x, en loopt van 24 tot 75 mm (35 mm equivalent). Dat zijn dezelfde eigenschappen als bij de geestelijk voorloper van de DC-L10, de DC-LX100 II (hier vind je een uitgebreidere vergelijking met dat model). Daarmee is de camera in principe geschikt voor alles van landschap- tot straat- en portretfotografie. De scherpstelafstand begint bij 50 cm, waarmee macrofotografie minder voor de hand ligt. De lens is redelijk compact, maar het ziet er wel naar uit dat je hem moet open draaien voor je kunt fotograferen, iets wat we kennen van de mft-kitlenzen en niet per se handig is.
Als zoeker biedt de Lumix L10 de keuze tussen een live viewfinder oled-scherm met een vrij hoge resolutie en een uitklapbaar, roteerbaar 3-inch (7,6 cm) lcd met een iets lagere resolutie.
Verder vermeldenswaard is de mogelijkheid te kiezen tussen een mechanische en een elektronische sluiter. In het eerste geval kan je tot 11 beelden per seconde wegschrijven, in het tweede tot 30. Je kan via WiFi en Bluetooth verbinding maken met een smartphone, om beelden snel over te zetten of de camera op afstand te bedienen.
Prijs en beschikbaarheid Panasonic Lumix L10
De Panasonic Lumix L10 is met een gewicht van iets meer dan een halve kilo niet bijzonder licht, maar moet wel zeer solide geconstrueerd zijn. Het komt op de markt in meerdere kleuren; naast klassiek zwart ook in een tweetoon met zilverkleurige accenten en een titaniumkleurige jubileumeditie. De adviesprijs is een stevige 1499 euro. Dat is vergelijkbaar met wat ik onlangs betaalde voor de full-frame S5D met een 50 mm prime lens.
Er was al een Leica tegenhanger, de D-Lux 8. Deze verschilt op details, waaronder het menu, de ondersteunde flitsers en het gebruikte raw-formaat. Deze kost 1650 euro.




