Review   |   Headsets en hoofdtelefoons

Hierop moet je letten bij de koop van een noise cancelling koptelefoon

Hierop moet je letten bij de koop van een noise cancelling koptelefoon

Bij de keuze voor een hoofdtelefoon zijn drie hoofdzaken belangrijk: geluidskwaliteit, comfort en natuurlijk de kostprijs. Die laatste kan uiteenlopen van rond de 50 euro tot ver boven de 1000 euro. NC-koptelefoons van meer dan pakweg 400 à 500 euro zijn vaak luxueuze modellen, gebouwd door audiospecialisten zoals Focal of T+A. Topmodellen van mainstream-merken als JBL en Sony kosten eerder 350-450 euro. Officieel dan, want de prijzen van draadloze koptelefoons zijn vrij volatiel. Een half jaar na de introductie vind je een hoofdtelefoon vaak voor heel wat minder.

Dali IO-8

Wat ook speelt, maar minder objectiveerbaar is: design. Smaken verschillen nu eenmaal. Maar aspecten als bouwkwaliteit en functionele designelementen (zoals de controls) vallen wel te beoordelen. De duurzaamheid is ook een aandachtspunt. Oorkussens zijn bij dageljiks gebruik na twee-drie jaar meestal wel versleten. Die kunnen echter lang niet altijd vervangen worden, wat echt een minpunt is.

Daar komen bij een draadloze koptelefoon met noise-cancelling nog wat zaken bij. Qua duurzaamheid is daar de accu een punt van aandacht. Die kan een vast aantal laadcycli doorstaan - meestal pakweg 400-800 keer laden. Daarna neemt de capaciteit merkbaar af. Ook hier kunnen hoofdtelefoons zich onderscheiden met een langere levensduur voor de accu, of simpelweg een eenvoudig te vervangen accu. Meer zaken om op te letten bij de accu: kan deze snelladen en kan je de hoofdtelefoon gebruiken tijdens het laden. 

Verder zijn voor draadloze noise cancelling koptelefoons de ondersteunde Bluetooth-codecs en natuurlijk de efficiëntie van de ruisonderdrukking van belang. In de reviews in dit dossiers komen die aspecten steevast aan bod. 

Dan is er nog de mate waarin je de geluidsweergave kan aanpassen, en andere zaken die wellicht niet direct vanaf de hoofdtelefoon te bedienen zijn. Daar komt een eventuele app om de hoek kijken, met een equalizer en wellicht andere functies, zoals tuning op je gehoor. En dan zijn er nog functies in de categorie leuk-om-te-hebben. Zoals omgevingsgeluid doorlaten als je een hand tegen een oor plaatst, of wanneer je begint te spreken.

Bluetooth codecs

Zeker bij duurdere draadloze koptelefoons wordt er uitgepakt met ondersteuning voor ‘betere’ codecs. Zo’n codec speelt een rol qua geluidskwaliteit bij de streamen van je Bluetooth-bron (wellicht je smartphone) naar de koptelefoon. Is het iets waar je echt rekening mee moet houden? Wel als je een koptelefoon ook voor kritisch luisteren wil gebruike én je bronmateriaal op een hoger niveau staat (zoals een lossless-niveau bij Spotify, Apple Music of anderen).

Het is best een technisch onderwerp, maar de essentie is dat ‘betere’ codecs dichter de kwaliteit van het originele bronbestand beloven te benaderen. Een belangrijke voorwaarde is dat je smartphone (of andere bron, zoals een tablet of tv) dezelfde codec ondersteunen.

In de praktijk zal hierdoor een iPhone- of iPad-gebruiker geen meerwaarde halen uit de ondersteuning voor bijvoorbeeld aptX Adaptive. Apple ondersteunt immers enkel AAC, een codec die nagenoeg iedereen wil op z’n hoofdtelefoon inbouwt.

Gebruik je een Android-toestel, dan hangt het van de fabrikant af. Maar de meesten ondersteunen wel aptX (of een betere variant zoals aptX HD of aptX Adaptive).

Het allerbeste is aptX Lossless, dat geen audiodata vernietigt met een stream op cd-kwaliteit. Aan de horizon lonkten LC3 en LC3plus, codecs die deel uitmaken van de nieuwe Bluetooth LE-standaard. Ook de aanwezigheid van Auracast kan in de toekomst nuttig zijn.

Drivers en geluidskwaliteit

Een over-ears bevat grotere drivers of speakers. Vergeleken met een grote hifi-luidspreker valt het wel mee, maar 30-50 mm diameter is toch wel wat. Marketeers bij hoofdtelefoonmerken stellen graag een grotere driver als beter voor. Daar zit een grond van waarheid in – hoe groter de driver, hoe beter het diepere bastonen kan produceren. De nuance is dat een grotere driver sneller tekorten toont als het van mindere kwaliteit is, door bijvoorbeeld minder als een piston te bewegen.

JBL Tour One M3

Zoals vaak in audio is dit een discussie die snel heel technisch wordt, op het einde van de rit is het vooral belangrijk dat de drivers goed geïmplementeerd worden. Omdat NC-koptelefoons altijd gesloten zijn, houdt dat in dat de koptelefoonbehuizing niet mag meetrillen en juist gedempt wordt. Moeilijke zaken om als consument vooraf vast te stellen, en alvast een goede reden om reviews na te lezen.

Bij draadloze NC-koptelefoons gaat het bijna altijd om dynamische drivers, zoals je ook in de meeste luidsprekers tegenkomt. Bij betere hifi-hoofdltelefoons komen planar-magnetic of elektrostatische types voor, maar die drivers zijn minder geschikt voor mobiel gebruik.

Geluid is natuurlijk een heel subjectief gegeven. Vervorming is uiteraard altijd ongewenst, maar hoe een hoofdtelefoon klinkt is vaak een bewuste keuze van de fabrikant. Misschien mikken ze op een bepaalde doelgroep die bepaalde zaken en genres belangrijk vindt. Maar wat opvalt is dat steeds merken neigen naar een zo universeel mogelijke tuning, bijvoorbeeld gebaseerd op de Harman-curve. Dit is een curve of frequentieverloop die werd bepaald aan de hand van grootschalige bevragingen. Andere merken, met name met een hifi-achtergrond, hebben vaak ook een huisgeluid.

Een indicatie van hoe goed een audiodesign technisch is, althans volgens ons, is de mate waarin je zonder nadelige gevolgen die standaardtuning kunt aanpassen. Bij heel goedkope hoofdtelefoons hoor je bijvoorbeeld dat een design niet toelaat om strakke, gecontroleerde bassen te produceren. Speakertjes die sterk ‘afrollen’, dus het snel opgeven als er hoge klanken zijn, kun je ook niet zomaar met de equalizer in de app verbeteren.

Noise-cancelling

Hoe goed werkt de noise-cancelling van een specifieke hoofdtelefoon? Van de specificaties kun je het niet aflezen. De aanwezigheid van meer microfoons kan wel een indicatie zijn. Zes stuks (drie per oor, waarvan twee aan de buitenkant en een aan de binnenzijde) was lang het beste wat je tegenkwam. Inmiddels zijn er dure modellen met acht microfoons of meer. Terwijl we dit schrijven is de microfoonbaas Sony. Op z’n WH-1000XM6 zitten er 12. Overigens dient een deel van die microfoons ook voor spraak bij het bellen. Ook op het gebied van spraakkwaliteit zijn er enorme verschillen te noteren.

Sony WH-1000 XM6

De microfoons leveren de input voor een NC-chip in de hoofdtelefoon. Hoe meer data over de herrie rond je én over wat je beluistert, hoe beter. Maar er zijn ook verschillende leveranciers en types chips, onder meer van Sony en Qualcomm. Bij een goedkopere NC-hoofdtelefoon wordt een pakket toegepast, waarbij Bluetooth-ontvangst, audioprocessing en NC door een chippakket wordt afgehandeld. Duurdere modellen opteren bijvoorbeeld voor een discrete hoofdtelefoonversterking, wat de audiokwaliteit belooft te verbeteren. Wat je ook merkt bij mindere NC-implementaties is dat de ruisproductie en impact op de natuurlijkheid van de klank groter is. Zeker een ding als je graag luistert naar podcasts en klassieke muziek, content waar stiltes in voorkomen.

Na het testen van vele tientallen in-ears en hoofdtelefoons is de conclusie toch dat er een evenredige relatie is tussen wat je betaalt en de efficiëntie van ruisonderdrukking. Wat wel zo is, is dat NC aanzienlijk beter is geworden bij goedkopere toestellen. De kloof tussen 'goed genoeg' en het allerbeste wordt zo kleiner. Als je dan niet per se een hoofdtelefoon zoekt die veel stilte biedt, is een goedkoper model misschien wel voldoende. Voor lange vluchten blijft een topmodel van de laatste paar jaar een aanrader.